In onze Groei Gids heeft u kort kunnen lezen hoe u moet beginnen als u uw eigen wiet wil gaan kweken. Als u inmiddels wat ervaring heeft opgedaan en misschien wel 1 of meerdere oogsten heeft gehad, is het tijd om uw vaardigheden scherp te stellen.

Wanneer u besloten hebt zelf wiet te gaan kweken is de eerste logische stap om te bedenken welke zaden u gaat gebruiken. Hierbij is een aantal zaken van belang. Ten eerste is er de keuze tussen reguliere, autoflowering en gefeminiseerde zaden; het verschil tussen deze soorten kunt u hier vinden. Daarnaast moet u rekening houden met de groeicondities; gaat u binnen of buiten kweken? Heeft u veel of weinig ruimte en licht? Hoe is het klimaat?



Artikel 1

Ontkiemen

Om cannabiszaden te ontkiemen is er een aantal factoren die van belang zijn. Zo hebben ze vocht en warmte nodig; een temperatuur tussen de 20 en 25 graden Celsius is ideaal. Daarnaast kan je de zaden het beste met rust laten, check wel af en toe of de ondergrond nog vochtig genoeg is.

In aarde

De makkelijkste manier om zaden te ontkiemen is in een potje met aarde; stop de zaadjes ongeveer 0,5 tot 1 centimeter onder de grond en bevochtig deze. Dek het potje af met doorschijnend plastic zoals vershoudfolie. Het zaadje zal binnen 1 week ontkiemen; zodra er blaadjes boven de grond uitkomen kan het plastic van het potje verwijderd worden. Na een week of twee is het tijd om het plantje te verpotten. Hierbij is het belangrijk er verse, bemestte aarde gebruikt wordt. Zorg dat de pot groot genoeg is.

In water

Een andere methode om zaden te ontkiemen is in water. Doe de wietzaadjes in een glas lauw water en zet deze op een plek waar het niet kouder wordt dan 20 graden Celsius. Binnen 5 dagen zal je witte puntjes zien, dit zijn de wortels. Als deze uitgegroeid zijn tot 1,5cm kunnen ze overgeplaatst worden met de wortel naar beneden gericht.

Op keukenpapier of watten

Bij deze methode worden watten of keukenrol nat gemaakt met gekookt water, vervolgens worden de zaden tussen twee lagen van het gekozen materiaal gelegd. Houd er rekening mee dat het vocht bij deze methode snel verdampt. Zorg er dan ook voor dat je een omgeving creëert waar condens kan ontstaan. Dit kan bijvoorbeeld door 2 borden op elkaar te plaatsen waarbij het bovenste bord ondersteboven ligt. Check wel 2 keer per dag of het papier niet uitdroogt; het papier moet vochtig zijn maar zeker niet te nat!

Op pluggen

Pluggen zijn blokjes speciaal gemaakt voor het ontkiemen van zaden en zijn bijvoorbeeld verkrijgbaar in startersets. Vaak zit er ook een seedbooster bij zo’n kit alsook een kweekbak met transparante kap. De pluggen moeten in een kweekbak geplaatst worden voordat ze overgoten worden met water. Wacht een paar minuten tot al het water goed opgenomen is, giet het overtollige water weg en plaats de zaden voorzichtig met schone handen in de pluggen op een diepte van 0,5 tot 1 cm. Bedek met kap.

Als de zaden ontkiemd zijn

Zodra de zaden ontkiemd zijn is het belangrijk om ze meteen over te plaatsen naar het medium wat gebruikt zal worden. Probeer niet te vaak te verpotten en zorg zeker in de beginfase dat de grond niet te nat is. Als de wortels van een wietplant te nat zijn zal dit de groei tegenhouden of tot wortelrot leiden.

Artikel 2

Buiten wiet kweken

Moeder natuur heeft wietplanten voorzien van diverse eigenschappen waardoor zij in verschillende klimaten kunnen groeien. Door middel van selectief kweken door professionele zadenproducenten zijn er soorten ontwikkeld die het ook goed doen in niet-tropische en Noord-Europese klimaten. Wanneer u buiten wiet kweekt met zaden van goede kwaliteit, zal u krachtige wiet oogsten met een diepe smaak.

Voor het inzaaien is de timing erg belangrijk. Reguliere zaden hebben het vermogen hebben om te herkennen wanneer de dagen korter worden en de nachten langer waardoor ze in de bloeifase overgaan. Inzaaien moet dus zo gepland worden dat de oogst in oktober of november plaats zal vinden. Vaak gebeurt dit pas na ijsheiligen omdat nachtvorst dan nagenoeg niet meer voorkomt. Vaak ontkiemen buitenkwekers hun zaden binnen om hun planten een vliegende start te geven en ze langzamerhand te laten acclimatiseren voordat ze permanent buiten worden geplant. U kunt ook vanaf het begin uw plant buiten kweken met behulp van een glas of kas.
Wanneer het autoflowering zaden betreft, zullen de planten onafhankelijk van de ratio licht/donker overgaan in de bloeifase. Gemiddeld kan er na 8 weken geoogst worden wanneer autoflowering zaden gebruikt worden.

Voor het ontkiemen van de zaden bestaan diverse methodes, daar kunt u hier meer over lezen.

Een van de belangrijkste zaken is de voorbereiding van de plek waar u wilt gaan kweken. Idealiter heeft de groeiplek de hele dag door zon, makkelijke toegang tot water en beschutting voor wind maar ook voor onwelkome dierlijke en menselijke aandacht. In sommige gevallen is het mogelijk om planten te kweken in de privacy van uw eigen achtertuin; wanneer dit niet het geval is kan gekozen worden voor een afgelegen plek in het bos o.i.d.. Wanneer een soortgelijke plek kiest, kunt u de groeiplek beschutten met takken of stekelige planten rondom de wietplanten planten om ze te beschermen tegen grazende dieren en andere ongewenste gasten.

Het is te adviseren om de grond voor het planten te bewerken met een meststof zodat de condities van de grond optimaal zijn voor de start van de groei. Het is ook mogelijk om de grond alvorens het starten met groeien te testen en hier de hoeveelheid mest etc. op aan te passen. Professionele bodem testkits zijn verkrijgbaar bij tuincentra. De perfecte grond voor het kweken van verschillende soorten planten bestaat niet; over het algemeen groeien wietplanten goed in een spectrum van omstandigheden zo lang er genoeg voedingsstoffen aanwezig zijn, er goede afvoer is en de pH-waarde van de grond tussen de 5.8 en 6.5 ligt.
Er kan ook voor gekozen worden om te planen in potten te kweken in plaats van direct in de grond. Op deze manier zijn de planten makkelijk te verplaatsen echter, ze hebben op deze manier wel vaker water nodig bij warm weer. Zwarte containers of warme ondergronden (zoals terrastegels) moeten vermeden worden omdat dit de wortels zo te warm kunnen worden in de directe zon.

Wanneer planten buiten gekweekt worden is er sprake van een aantal zaken die uw plant kunnen bedreigen. Ten eerste de elementen die ook binnen een bedreiging kunnen vormen zoals droogte, overbewatering, verzuring van het medium, een te lage pH-waarde en een tekort of overschot aan voedingsstoffen.
Elementen die vooral een bedreiging zijn voor buitenplanten zijn schimmel of rot van de toppen. Hoe dikker de toppen worden, hoe groter de kans op toprot is. Doordat te toppen dikker zijn, is er minder luchtcirculatie mogelijk. Vooral wanneer er sprake is van veel vocht en weinig wind moet u hier alert op zijn. Een plek met wind kan dus zorgen voor extra luchtcirculatie. Zorg ervoor dat u de toppen regelmatig controleert; zodra u constateert dat er sprake is van schimmel, verwijder dit dan. U kunt hier meer lezen over het identificeren en behandelen van toprot. 
Een andere factor welke een bedreiging kan vormen voor planten is ongedierte zoals insecten en slakken. Over het algemeen zullen wietplanten niet snel last hebben van insecten. Mocht u toch schade constateren dan kunt u ervoor kiezen om een biologisch bestrijdingsmiddel te gebruiken. Tevens is het aan te raden om de onderste takken van de plant te verwijderen om last door insecten in te perken. Als u meer wilt weten over de verschillende soorten ongedierte die uw planten kunnen bedreigen, klik dan hier. [Hyperlink Wietplant ongedierte]

Artikel 3

Binnen wiet kweken

De invloed die u uit kunt oefenen op alle factoren die invloed hebben op de groei van planten, maakt dat binnen kweken vele voordelen kent. U kunt bijvoorbeeld per soort de omstandigheden aanpassen, maar ook zelf bepalen wanneer u begint met kweken zonder dat daarbij rekening gehouden hoeft te worden met de seizoenen. Daarnaast is de kans om gesnapt te worden bij binnen kweken een stuk kleiner. Wanneer u binnen wiet wilt gaan kweken, is het belangrijk om na te denken over de indeling van de kweekruimte, ventilatie, lichten, luchtvochtigheid, temperatuur en alle andere factoren die de groei van uw planten kunnen beïnvloeden.

De ruimte

Het is goed om eerst te bedenken in wat voor ruimte u de wietplant(en) zal gaan kweken, dit kan variëren van een kast tot een groeitent, tot een hele kamer. Afhankelijk van de grootte van de ruimte kunt u bepalen hoeveel planten u wilt gaan kweken. Indica-soorten zijn zeer geschikt om binnen te kweken omdat ze kort en breed groeien, in tegenstelling tot Sativa-soorten van lang en dun worden.

Licht

Na het kiezen van de ruimte is het tijd om een inschatting te maken van de hoeveelheid licht die u nodig heeft. Vervolgens is het tijd om lampen te kiezen, daar kunt u hier meer over lezen. Als beginnend kweker is het belangrijk dat u eerst de basis van het kweken onder de knie krijgt zoals water en voeding. Ook als u niet beschikt over kweeklampen zal u gewoon in staat zijn om een goede oogst te produceren.

Medium

Wat voor medium gaat u gebruiken? Hydrofonisch of aarde? Om u bij deze keuze te helpen kunt u hier [Hyperlink medium] een uitgebreid artikel lezen over hoe kweken op beide mediums in zijn werk gaat.

Voeding

Als u een medium gekozen heeft is het zaak om voeding aan te schaffen welke past bij het gekozen medium. Daarnaast is het belangrijk dat u let op de juiste pH waarde van het water wat u de plant geeft.

Zaden

Welke wietsoort wilt u gaan kweken? En hoeveel ruimte is er beschikbaar? Op basis van deze twee vragen kunt u cannabiszaden kiezen. U kunt zich daarnaast ook afvragen wat voor wiet u bijvoorbeeld graag rookt, met een hoog THC-level bijvoorbeeld of misschien juist niet. Wanneer u eenmaal zaden gekozen heeft kunt u ze gaan ontkiemen.

Artikel 4

Medium

Het medium is de ondergrond waarin je kweekt, zoals aarde, kokos of hydro. Het verschil tussen de kweekmediums is vrij groot en elk medium kent zijn voor- en nadelen.

Aarde

Het makkelijkste en tevens meest basale systeem om wiet te kweken is gewoon in aarde of compost. Aarde werkt prettig omdat er ruimte is om fouten te maken, daarnaast is er niet zoveel voorkennis nodig als bij het kweken op bijvoorbeeld hydro. Er moet wel op gelet worden dat er aarde van goede kwaliteit aangeschaft wordt. Slechte aarde kan insecten of te weinig voedingsstoffen bevatten. Ook kan het zo zijn dat kweken op aarde wat langer duurt dan met andere mediums doordat de wortels van de planten minder vermogen hebben om voedingsstoffen tot zich te nemen in aarde.

Hydroponics

Hydro, hydrocultuur of hydrophonics is het kweken op water. Het groeien met hydro heeft als voordeel dat het goedkoop is. Doordat de wortels los in het water hangen is de voedingswaarde nihil; op deze manier heeft u dus de volledige voeding die de planten binnen krijgen onder controle. Tegelijkertijd is dit ook een nadeel omdat het geven van voeding erg nauw luistert waardoor deze manier niet de makkelijkste is. Een ander nadeel is dat hydrocultuur gezien wordt als een professionele manier van kweken, dit betekent dat als je gesnapt wordt de straffen strenger zullen zijn dan wanneer er op aarde gekweekt wordt.
Er kan op verschillenden manieren op hydro gekweek worden maar de meest gebruikte manier is door middel van steenwol. Steenwol is goedkoop en makkelijk verkrijgbaar. Verder heb je nodig:
- De juiste voeding
- Waterleidingen
- Waterpomp
- Luchtpomp
- Bakken
- Verwarmingselement
- Lekkage beveiliging
- pH meter

Kokos

Kokos is een biologische ondergrond gemaakt van de bast van kokosnoten; deze ondergrond houdt lang vocht vast. Kokos kan gemengd worden met aarde of perliet maar dit hoeft natuurlijk niet. Ook kan kokos zowel in een pot gebruikt worden als in combinatie met een hydrosysteem. Een van de voordelen van kokos is dat het moeilijk is om te overbewatere
Een nadeel van kokos is dat het gevoelig is voor rouwvarenmug.


Artikel 5

Water

Planten hebben water nodig om te groeien. Het is essentieel dat cannabisplanten genoeg water krijgen want wanneer ze teveel of te weinig krijgen zullen ze sterven. Het is moeilijk te zeggen hoe vaak en hoeveel water er aan een wietplant gegeven moet worden omdat dit samenhangt met verschillende omstandigheden zoals de grootte van de plant en de pot, maar ook de temperatuur. Maar hoe is te zien of uw plant genoeg water krijgt? Als u in aarde kweekt kunt u dit het beste testen door simpelweg aan de aarde te voelen. De aarde mag niet te droog zijn maar overbewateren is ook slecht. De aarde moet zo nat zijn dat het een beetje aan je vingers blijft plakken. Als je de aarde zonder moeite van je vinger kunt blazen is de aarde te droog.
Voor waterregulatie kunt u er ook voor kiezen om gelkristallen te gebruiken. Deze kristallen nemen overtollig water op. In drogere perioden laten ze dit water weer los in de aarde.
Wanneer een wietplant te weinig water krijgt, gaat ze slap hangen; hierdoor zal de groei vertragen of zelfs stoppen.

Potgrootte

Wanneer er voor gekozen wordt om te kweken in potten, is het belangrijk dat er regelmatig gecheckt wordt of de aarde nog vochtig genoeg is. Kleinere potten drogen sneller uit dan grotere potten, dit komt doordat de aarde in kleine potten snelle opwarmt waardoor het water sneller verdampt.

Temperatuur

In een warme kweekruimte zal water sneller verdampen, wat betekent dat de wietplanten dus vaker bewaterd zullen moeten worden.

Wanneer heeft mijn plant genoeg water?

Artikel 6

Licht

Als beginnend kweker is het belangrijk dat u eerst de basis van het kweken onder de knie krijgt zoals water en voeding. Ook als u niet beschikt over kweeklampen zal u gewoon in staat zijn om een goede oogst te produceren.

Wanneer u de teelt van uw wiet naar een hoger niveau wilt tillen, is het belangrijk dat u de juiste lichten kiest voor de verschillende groeistages van de plant. Wietplanten groeien in twee stadia; het vegetatieve stadium (ookwel de groeiperiode) en het bloeistadium. Wietplanten hebben andere kleuren licht nodig in de groeiperiode dan in de bloeiperiode. Tijdens de groeiperiode heeft de plant blauw licht nodig; in de bloeiperiode heeft de plant veel meer rood licht nodig.

Groeiperiode

Tijdens de groeiperiode groeit de stam van de plant om zich voor te bereiden op het ontwikkelen van toppen tijdens de bloeifase. De groeifase kan 1 week tot 40 dagen duren. Tijdens deze periode is een lichtcyclus van 18 uur licht en 6 uur donker nodig. Sommige kwekers geven tijdens de groeiperiode 24 uur lang licht om de groei te bevorderen.

Bloeiperiode

Na ongeveer 40 dagen, of wanneer u er zelf voor kiest de groeiperiode te beëindigen, moet de lichtcyclus aangepast worden naar 12 uur licht en 12 uur donker. Door deze verandering zal de plant de bloeifase ingaan. Omdat sommige soorten meer tijd nodig hebben om te volgroeien dan anderen, kunt u zelf beoordelen of de plant groot en sterk genoeg is om de bloeifase in te gaan voordat u de lichtcyclus aanpast.

Lichtspectrum

Maar dan nu de hamvraag: welk licht kan ik het beste gebruiken voor de twee stages van groei die de wietplant doorloopt? Het lichtspectrum wordt gemeten middels graden Kelvin of nanometers; graden Kelvin geven de kleurtemperatuur aan en nanometers de golflengte. Slechts een deel van het gehele lichtspectrum is efficiënt in het induceren van fotosynthese. Fotosynthese is het proces waarbij lichtenergie door de plant wordt omgezet in glucose wat weer gebruikt wordt als energie.
De bedoeling is dat met verschillende kleuren licht de verschillende seizoenen nagebootst worden.
In de lente en zomer zorgt de hoge stand van de zon voor meer blauwe golflengten, daarom is het belangrijk dat de planten tijdens de groeifase vooral aan licht van de blauwe kant van het spectrum wordt blootgesteld, alsof het de zon is tijdens een zomerse dag. Blauw licht is meer dan 5000 graden Kelvin of 400-500 nanometer.
In de bloeiperiode is het belangrijk om de planten bloot te stellen aan dat deel van het lichtspectrum met de rode golflengte ofwel 2000-3000 graden Kelvin of 600-700 nanometer. Op deze manier wordt het licht nagebootst van de herfst en winter, wanneer de zon laag staat en er meer rode golflengten aanwezig zijn.
Let wel dat de planten niet alléén blauw en rood licht nodig hebben; ze hebben het hele lichtspectrum nodig.

Lichtopbrengst

De lichtopbrengst is de grootheid die wordt gebruikt om het rendement van een lichtbron aan te geven, uitgedrukt in watt of lumen.
Hoe meer licht, hoe groter de opbrengst wordt er weleens gezegd. Dit betekent dat lampen van 600 watt een beter resultaat geven dan lampen van 400 watt omdat ze meer licht afgeven. Houd er wel rekening mee dat hoe hoger het wattage is, hoe meer warmte de lampen af zullen geven. Het is dus wel belangrijk dat de geproduceerde warmte afgevoerd kan worden, anders heeft het geen zin om voor lampen met een hoog wattage te kiezen.

Artikel 7

Lampen

Zoals u heeft kunnen lezen in het artikel over licht heeft een wietplant verschillende kleuren licht nodig in de verschillende groeistadia die de plant doormaakt. Om de seizoenen na te bootsen kan gebruik gemaakt worden van verschillende kweeklampen.

Er zijn vele opties voor kweeklampen en er is geen eenduidig antwoord op wat nou de beste kweeklampen zijn. Dit omdat verschillende mensen verschillende voorkeuren hebben en onder verschillende omstandigheden kweken, maar ook omdat de perfecte kweeklamp nog niet bestaat.

T5 lampen

T5 lampen zijn de lange fluorescerende lampen die in kantoren en warenhuizen hangen en zijn verkrijgbaar met verschillende spectra. Dit soort lampen wordt vaak gebruikt voor klonen of gedurende de groeifase. Voordeel van deze lampen is dat ze energiezuinig zijn; een nadeel is dat ze minder geschikt zijn voor de bloeifase.

Compact Fluorescent Light lampen (CFL-lampen)

CFL-lampen zijn vergelijkbaar met T5 lampen maar ze zijn kleiner van formaat. De lampen dienen dichtbij te plant geplaatst te worden waardoor ze goed te geschikt zijn voor kleine ruimtes. Verder zijn het doorsnee lampen die dienstdoen als normale verlichting; hierdoor zijn de makkelijk verkrijgbaar. Ze zijn niet heel sterk waardoor ze minder geschikt zijn voor grootschalige kweek, maar ze geven wel het volledige lichtspectrum zonder dat ze veel warmte afgeven. Vaak zijn er meerdere lampen nodig die rondom de plant geplaatst dienen te worden om het licht goed over de plant te verspreiden. Verder zijn CFL-lampen goedkoop om aan te schaffen en gebruiken ze weinig elektriciteit.

High Intensity Discharge lampen (HID-lampen)

Deze lampen zijn favoriet onder indoor kwekers en bestaan in twee varianten: High Pressure Sodium en Metal Halide. Beide lampen kunnen zowel gedurende de groei- als de bloeifase gebruikt worden.
High Pressure Sodium
High Pressure Sodium lampen geven geelachtig licht af, om deze reden worden ze vaak gebruikt tijdens de bloeiperiode van de plant.
Metal Halide
Metal Halide lampen geven blauwachtig licht af, om deze reden worden ze vaak gebruikt tijdens de groeiperiode van de plant.

Deze lampen zijn krachtig, efficiënt en makkelijk te onderhouden. Daarnaast leveren ze een grote opbrengst op. HID-lampen kennen ook nadelen; ze zijn duur in zowel aanschaf als onderhoud en ze kunnen erg warm worden waardoor goede ventilatie vereist is.

Inductielampen

Inductielampen zijn eigenlijk gewoon fluorescerende lampen maar dan zonder electroden. Hierdoor is de levensduur ontzettend lang echter, de lampen zijn wel heel duur in aanschaf.

Inductielampen zijn een goed en zuinig alternatief voor HPS-lampen. Ze hebben een goed afgestemd lichtspectrum waardoor er efficiënte fotosynthese plaats kan vinden. Doordat ze bijna niet warm worden, kunnen ze dicht bij de plant gehangen worden. Ervaring leert wel dat ze niet tot grotere opbrengsten leiden dan LED of HID-lampen

Plasma lampen

Plasma lampen zijn erg krachtig maar zeer prijzig. Deze lampen produceren een lichtspectrum dat heel dicht in de buurt komt van dat van zonlicht

LED-lampen

LED-lampen zijn nog niet zo lang op de markt als de andere lampen maar zijn nu al veelbelovend gebleken. LED-lampen zijn het duurst om aan te schaffen maar zijn energiezuinig, geven weinig warmte af en hebben een zeer lange levensduur zonder dat dit ten koste gaat van de lichtintensiteit. Lampen van hoge kwaliteit met brede spectra kunnen de kwaliteit en smaak van de toppen maximaliseren ten opzichte van gewone lampen. Daarnaast geven LED-lampen minder hitte af, waardoor er geen ventilatie- of koelsysteem nodig is. Verder gebruiken ze weinig energie en zijn ze makkelijk te installeren (gewone netstroom). Omdat de techniek achter LED-lampen nog vrij jong is, is er veel ruimte voor verbetering.

Artikel 8

Plagen die uw oogst kunnen bedreigen

Meeldauw

Meeldauw is een dunne laag, poederachtige schimmel op de bladeren van een plant.

Spint

Spintmijten prikken gaatjes in de plant waardoor ze voedingsstoffen uit de plant zuigen, hierdoor kan de plant zelf geen voedingsstoffen meer transporteren of opnemen. Spint komt voor wanneer de luchtvochtigheid te laag is of als er oude potgrond gebruikt wordt. Als planten besmet zijn met spint, zal u gele spikkeltjes op de bovenkant van de bladeren waarnemen. Spint kan net als spinnen draden maken om zichzelf mee te beschermen, in een vergevorderd stadium zal er een soort web over de plant waar te nemen zijn.
Spint zit graag aan de onderkant van bladeren en heeft het vermogen om zich snel voort te planten, het is dus belangrijk dat u de plant regelmatig controleert. Spintmijten zijn peervormig en geelgroen. Deze mijten zijn zeer klein en daardoor bijna niet waar te nemen met het blote oog dus gebruik eventueel een vergrootglas. Spint is te bestrijden met natuurlijke vijanden zoals roofmijt, maar er kan ook voor een niet-chemische biologische bladspray gekozen worden.

Trips

Trips is een klein, dun insect met vleugels – deze vleugels maken trips zo gevreesd. Trips kan grote schade aan planten veroorzaken door plantcellen leeg te zuigen. De leeggezogen plantcellen vullen zich met zuurstof waardoor de bladeren zilverkleurige vlekjes krijgen. Na een langere tijd zullen de bladeren verder verkleuren en afvallen.
Trips is te vinden op de bovenkant van de bladeren, de larven van trips zitten vaak aan de onderkant van het blad. Trips zijn lastig te bestrijden omdat ze immuun geworden zijn voor bestrijdingsmiddelen. Ze kunnen slecht tegen een hoge luchtvochtigheid dus u zou ervoor kunnen kiezen om de planten regelmatig te sproeien met water.

Varenrouwmug

De varenrouwmug is een kleine mug van 2-3mm die houdt van een warme, vochtige omgeving. Deze mug brengt op verschillende manieren schade toe aan gewassen; ze beschadigen zowel dood als levend materiaal en er ontstaan secundaire ziektes als gevolg van deze vraatschade. Ze leggen eitjes in de grond, deze komen na ongeveer 2 dagen uit. De larven van de varenrouwmug eten zich een weg door de wortels en stengels van de plant. De wortels en stengels worden vatbaarder voor virussen en schimmels. Als gevolg van de vraatschade kan de groei stagneren
De varenrouwmug kan zich in rap tempo ontwikkelen tot een enorme plaag, daarom is het belangrijk ze tijdig te signaleren.